Kabloes
  IJzelmeer

'Het Paard van Marken' '
'Tijdens de regering van Willem I, koning der Nederlanden, Prins van Oranje Nassau, groothertog van Luxemburg; enz., enz.is deze toren onder het bestuur van admiraal Jonkheer Ant. Corn. Twent, ridder der Orde van de Nederlandse Leeuw, inspecteur generaal over het Loodswezen, herbouwd en een catdioptriek licht daarop gesteld, zijnde de eerste steen gelegd door den kapitein luitenant ter zee herm. Adr. Karnebeek, ridder der militaire willemsorde, tijdelijk onder insp. over het loodswezen enz. te Amsterdam op den 20 Juny 1839 en het licht voor het eerst ontstoken op 14 November van het zelfde jaar'.
Bovenstaande tekst staat op de gedenksteen boven de toegangsdeur van de vuurtoren van Marken. Het is 165 jaar geleden dat de "tijdelijke onder-inspecteur over het loodswezen" de eerste gedenksteen heeft gelegd voor de herbouw van de vuurtoren.
Al in 1700 werden er ter beveiliging van de vitale scheepvaartwegen naar Amsterdam en het achterland rond de Zuiderzee een drietal bakens gebouwd; Marken met een kolenvuur; de Ven nabij Enkhuizen en bij Durgerdam, olielampen in een lantaarn. Voor deze vuren/bakens op de Zuiderzee moesten de schepen jaarlijks belasting betalen ten bewijze waarvan ze een bakenloodje ontvingen met een afbeelding van de "Suydersee Vuur Bakens" en het jaartal. Deze drie torens hadden eenzelfde vierkante opbouw die in de Ven nog bewaard is gebleven. Ook op het eiland Urk brandde in de 17e eeuw een kolenvuur, niet alleen voor de vissers maar ook voor de "pilotage" op Amsterdam.
De huidige vuurtorens van Marken en Urk zijn gebouwd naar een ontwerp van de inspecteur Maritieme Werken J. Valk.
Voor de verlichting werd gebruik gemaakt van de vinding van de natuurkundige Fresnel waarbij cylindrische lenzen rondom een grote olielamp geplaatst zijn zodat een geconcentreerde lichtbundel ontstaat.
De vuurtoren van Marken, vanwege zijn karakteristieke vorm ook wel het "Paard van Marken" genoemd functioneert nog altijd als baken voor de scheepvaart.

Tegenwoordig niet meer voor de grote zeevaart op Amsterdam maar voor de binnenvaart en recreatievaart. Het licht van de vuurtoren van Marken is thans een onderdeel van een uitgebreid stelsel van betonningen en bebakening dat het gehele IJsselmeer en Markermeer omvat
De opbouw van de toren van Marken is al jaren onveranderd gebleven. De apparatuur is in de loop der jaren diverse malen aangepast.
Het licht heeft een onderbroken karakter: 6 seconde helder en 2 seconde duister. Het ontsteken van het licht is geautomatiseerd, er is dus geen vuurtorenwachter meer in dienst.
De vuurtorens rond de voormalige Zuiderzee zijn nu in beheer van de Dienstkring IJsselmeer en Markermeer van de directie van Flevoland van Rijkswaterstaat.

Gespot op 14/10/2007
Paard van Marken
Geschiedens

In de 19e eeuw was Urk nog een eiland gelegen in de Zuiderzee die flink kon spoken. Al eeuwenlang werden op Urk vuren gebrand om schepen langs het eiland te navigeren. Tijdens de regeringsperiode van Koning Willem II werd er een bakstenen toren op het eiland gebouwd. Het ontwerp was van J. Valk en de toren werd gebouwd in de jaren 1844-1845. De afsluiting van de Zuiderzee en de vorming van het IJsselmeer zorgde ervoor dat de vuurtoren van Urk minder belangrijk werd. Door de inpoldering van de Noordoostpolder waar Urk een onderdeel van uitmaakt, hield ook het eilandbestaan op.
De ronde witte toren heeft een hoogte van 31 meter boven de middenstand. Op de top is een rood gekleurd lichtwerk geplaatst. Om het licht een draaiend effect te geven, is er in de toren een gewicht geplaatst dat door de vuurtorenwachter met regelmaat moest worden opgehesen. Het langzaam wegzakken van het gewicht zorgde ervoor dat de lenzen gingen draaien rondom een stilstaande lamp. Elke vijf seconden is er een lichtstraal zichtbaar van 0,2 seconden. Alhoewel het licht later geautomatiseerd is, hangt het gewicht nog steeds in het midden van de toren. Het licht heeft een maximaal bereik van ruim 33 kilometer. De woning van de vuurtorenwachter is verbonden met de vuurtoren en in de jaren vijftig gebouwd nadat de oude woning is vervangen. In 1972 is de vuurtoren verbouwd en gerestaureerd. De vuurtoren bevat op de begane grond een kleine tentoonstelling over de vuurtorenwachters, hun bezigheden en bijzondere gebeurtenissen.

Ligging: Urk, Noordoostpolder, Provincie Flevoland
Ontwerp: J. Valk
Gebouwd in: 1844-1845
Hoogte boven middenstand: 31 meter
Bereik licht: 18 zeemijlen - 33 kilometer
Status: rijksmonument

tekst overgenomen uit http://www.woonwebsite.nl/
text.overgenomen van http://home.tiscali.nl/thijsvandetoren.nl/
De toren staat bij het dorp Oosterleek op de dijkhoek Hij heeft een elektrische lichtbron die wordt in- en uitgeschakeld met een klok.

Bouwjaar: 1939
Ontwerper: onbekend

Materiaal: onbekend
Grondvorm: rond
Torenhoogte: 8,80 meter
Diameter onder: 1,27 meter
Diameter boven: 1,27 meter
Verdiepingen: 1
Treden: onbekend

Ontstoken: onbekend
Geëlektrificeerd: onbekend
Lichthoogte: 12 meter
Gespot op Zaterdag 24 Mei 2008
Gespot op Zaterdag 24 Mei 2008
Gespot op Zaterdag 24 Mei 2008
Gespot op 25 April  2008
Vuurtoren De Ven staat bij het buurtschap Oosterdijk, ongeveer vier kilometer ten noordoosten van Enkhuizen. De witte, vierkante toren is genoemd naar de streek, die ook bekend staat als de Gelderse Hoek. In juli 2000 bestond De Ven driehonderd jaar.
In 1699 besloten de commissarissen voor de Pilotage (loodswezen) tot het stichten van 'Suyderzeese vuurbakens' op het oosteinde van Marken, op de Gelderse Hoek bij Enkhuizen en in het IJ-oort bij Durgerdam. Dat gebeurde op verzoek van de zeevarenden op de Zuiderzee en met toestemming en medewerking van de Staten van Holland. De bouwkosten voor deze drie torens werden geraamd op 16.000 gulden, waarin de Staten van Holland voor 8000 gulden zouden bijdragen.

De Ven brandde in 1819 uit en moest worden hersteld. In 1834 werd de toren voorzien van een lichthuis. De olieverslindende lamp werd een jaar later vervangen door een lichttoestel naar Fresnel. De Ven heeft nu een 220v/250w verlichting

Vuurtoren 'De Ven'
Enkhuizen heeft een van de oudste vuurtorens in Nederland binnen de gemeente-grenzen. De naam van deze vuurtoren is 'De Ven' en is een van de licht-opstanden die de schepen vanaf de waddenzee moesten begeleiden naar Amsterdam. Vanaf de waddenzee is het de eerste in een reeks van 3, waaronder ook het paard van Marken en de lichtopstand bij Hoek van 't IJ. De vierkante vorm en witte stenen bouw uit 1699 valt direct op wanneer de vuurtoren in zicht komt. De 17 meter hoge toren is duidelijk zichtbaar wanneer men via de noord-zijde het krabbersgat in wil. Ook is de vuurtoren bij helder weer duideljik zichtbaar vanaf de dijk Enkhuizen - Lelystad.

Het lichtpatroon is 'Licht gedurende 2,5 seconden. Licht op elke 10 seconden. Karakter is LFIWRG10'. De lichtsterkte is 2.200 en is op 11 zeemijl te zien. Er is geen radar aanwezig en ook is de vuurtoren niet geopend voor publiek.

text. overgenomen van Haringstad - Enkhuizen
Hoek van 't IJ ligt bij Durgerdam, op een steenworp van Amsterdam. In 1809 werd de vuurtoren opgenomen in de stelling van Amsterdam. Deze toren werd in 1893 vervangen door de huidige gietijzeren constructie. De achtkantige, zwart-witte toren is 19,5 meter hoog en heeft een grootste diameter van 6,25 meter.
Hij heeft een 220v/250w verlichting.
Vuurtoreneiland is een eilandje in het IJmeer net uit de kust van de polder IJdoorn bij Durgerdam. De plek op het vasteland heet Hoek van 't IJ. Sinds 1700 staat op dit eiland een vuurtoren. Aanvankelijk was de toren een vierkant, stenen gebouw. In 1809 werd op het eiland een militaire post gevestigd, die in 1844 werd uitgebouwd tot een heus vestingwerk. Dat werd in 1883 opgenomen in de Stelling van Amsterdam waarin onder andere ook Fort Pampus opgenomen was. In 1893 werd het torengebouw vervangen door een gietijzeren constructie; die toren staat er nu nog.

Rond die tijd werd op het eiland een bomvrij gebouw en een kustbatterij aangelegd, waarvan de vijf kanonnen inclusief bemanning echter al in 1904 werden verplaatst naar Den Helder. De status van vestingwerk werd in 1959 opgeheven; de laatste soldaten waren toen al vertrokken. Het eiland werd in 1996 met een brug aan het vasteland verbonden. In 2001 werd het mistsein uitgeschakeld. Het licht in de vuurtoren werd in 2003 gedoofd, na de pensionering van de laatste vuurtorenwachter. Sinds 2005 is het licht weer in bedrijf.
52° 22' 21" N, 5° 0' 48" E
Gespot op zondag 14 Semtember 2008
De Vuurtoren van Workum is de voormalige vuurtoren of lichtopstand aan het IJsselmeer op de Hylperdyk bij de ingang naar de haven van Workum.

Tegen de witte vierkante toren staat het huis van de vuurtorenwachter

De vuurtoren van Workum
In een krant uit september 1712 staat een aanbesteding voor een huizinghe bij de Workummer vuurtoren op de dijk. Tussen 1643 en 1712 moet de houten baak dus vervangen zijn door een stenen toren van drie verdiepingen. Reid gaat er vanuit dat zijn huisje bij de toren dan in het voorjaar van 1713 is gebouwd.
Omstreeks 1880 is het open vuur op de toren vervangen door een olielantaarn. Veertig jaar later is de hele kustverlichting genationaliseerd. De stad Workum besluit echter zelf verantwoordelijk te blijven voor het baken. Naast sluisgeld ontvangt de stad namelijk ook vuur- en bakengeld van de passerende schepen. Dat geld is hard nodig voor het onderhoud van de zeesluis.
De olielantaarn is gedoofd in 1932 na de afsluiting van de Zuiderzee. Toen er is bij de vuurtoren een lichtenlijn van twee bakens met gaslichten gebouwd. Elk op een vierpoot van hoekijzers. Overdag staan deze gaslampen op de waakvlam, maar de vuurtorenwachter moet elke avond naar boven klimmen om het vuur te ontsteken.
In 1967 komt Reid in het vuurtorenhuisje van Workum. Hij bedient de gasvuren nog zeventien jaar. Twee keer per dag klimt hij in weer en wind omhoog: ’s avonds om de lampen te ontsteken en ’s ochtends om ze te doven. Onderhoud is er niet veel. Af en toe moeten de kousjes gewisseld worden. Maar in de loop der tijd komt hij steeds vaker naar beneden met afgebroken stukken ijzer en vooral ’s winters is de beklimming van de bakens een hachelijke zaak aan het worden. Omstreeks 1984 neemt de provincie het baken over van de stad Workum. De gaslichten worden vervangen door de huidige elektrische lampen op zonnecellen. Reid is daarmee de laatste vuurtorenwachter of lichtstandopsteker van de Zuiderzee

52° 58' NB 5° 25' OL Vuurtoren van Workum